Beesten (onderbouw)

Titel: De woudlopertjes

Thema en beschrijving in het kort
Een wandeling waarin kinderen hun knuffeldieren kennis laten maken met beesten in de natuur. Deze natuur nabij de school wordt gemeten en in  kaart gebracht, gefotografeerd en onderzocht met alle zintuigen: De knuffels leren ruiken als een hond, luisteren als een kat, zingen als een merel, speuren als een valk, lopen als een spin en voelen als een mol.  En ze gaan op zoek naar een plek waar ze het best een hut kunnen bouwen.  Zo leren de kinderen de knuffels veel over de beesten in de natuur en steken ze er zelf ook nog wat van op.

Leeftijd Onderbouw
Nodig Fototoestellen (uit de videokit) computer, diverse teken- en knutselmaterialen, papier.
Natuur nabij de school; bijvoorbeeld een parkje, een weiland, een sloot, een groenstrook, of een spannende tuin.
Knuffels: 1 knuffel per kind(zelf meenemen van huis).
Tijd 5 lessen van 1 uur


Wat komt er op de website

Een getekende wandelkaart.
Foto’s, filmpjes en tekeningen van de kinderen.

Kerndoelen:
Interesse in en kennis over de natuur in de buurt wordt gestimuleerd. Doordat kinderen de knuffels vertellen over de natuur, leren ze zelf goed te observeren, leren ze te formuleren en te presenteren en worden ze zelf nieuwsgierig en leren vragen te stellen. Ze winnen aan zelfvertrouwen door de knuffels te vertellen wat ze zelf weten. Ze verplaatsen zich in het standpunt van de knuffel. Door de uitleg aan de knuffel over de natuur kan het kind ook zijn eigen verhaal vertellen en is er veel ruimte voor fantasie.

Kernvragen:

  • Wat kun je allemaal doen in de natuur (spelen, beesten zoeken, klimmen)
  • Welke beesten ken je?
  • Wat vind je van die beesten en wat vinden die beesten van jou?
  • Welke beesten leven er rondom school?
  • Wat doen ze, waar wonen ze, wat eten ze?
  • Wat moeten knuffels weten over beesten in de natuur?

Ter inspiratie thema
Kinderen houden van buiten spelen en daar van alles ontdekken. Overal is er natuur en overal zijn er dingen te vinden waarover je je kunt verwonderen. Op internet en in de bibliotheek is er veel informatie voor kinderen te vinden over beesten: Beestenverhalen, beestenmaskers maken, muziek, spelletjes en liedjes rondom beesten, beestendansen en natuurlijk prachtige informatieve natuurfilms.  Materiaal in overvloed! Maar het mooiste is dat je om de hoek van de school, onder iedere steen al een fantastische wereld aan kunt treffen.

Ter inspiratie webadressen
Kinderliedjes
juf.jouwpagina.nl
www.beleefdelente.nl
www.natuureducatie.com

Les 1

Inleiding over natuur:
Inleiding over beesten (plaatjes, filmpjes over beesten, soorten, onderverdeling):
Zie kernvragen over beesten
Inleiding over zintuigen

  • Ruiken: verzamel wat materialen met een uitgesproken en herkenbare geur, zoals koffiebonen, , siroop, aarde, bladeren etc. en laat kinderen blind raden.
  • Proeven: Hetzelfde maar dan met eetbare dingen: koek, appel, suiker, zout, vanillesuiker etc
  • Luisteren. Hetzelfde maar dan met geluids dingen: kiezelstenen, brekend takje, druppend water etc     Geluiden raden/ Dierengeluiden (google op internet)
  • Voelen. Hetzelfde, maar dan met allerlei bekende en onbekendere voorwerpen.
  • Kijken. Kijken  vanuit standpunt dieren; fotograferen! Wat ziet een mier op de grond, een vlieg op het plafond. Ik zie ik zie wat jij niet ziet. Opvallende, interessante zaken ( iets wat vragen oproept, of waar je iets over kan vertellen) in het lokaal laten benoemen.

Voor volgende keer: Knuffels meenemen; ieder kind 1 knuffel.

Les 2

Inleiding Knuffels: Schooltje spelen:

De kinderen zitten met de knuffels op schoot. Ze stellen eerst de knuffels voor.
De leerkracht vertelt weer hetzelfde (of iets uitgebreider) over de natuur (zie les 1), maar dit keer aan de knuffels.
De knuffels mogen vragen stellen. Een paar kinderen mogen zelf juf/meester zijn en vertellen over de natuur.

Inleiding kaartlezen en afstanden meten.
Tekenen: Een eenvoudige plattegrond van het lokaal

Een paar belangrijke dingen benoemen samen met de kinderen, zoals de deur, raam, tafel etc. en dit op de kaart intekenen.
Het lokaal meten in aantal kinderen hand in hand: Op kaart schrijven.
Lengte en breedte  van de tafel meten in kindervoeten: Op kaart schrijven
Hoogte van de tafel meten in kinderhanden: Op kaart schrijven
Pen  meten in vingerdikten. Op kaart schrijven

Download kaart van Google Maps van het te lopen wandelgebied:
Kaart laten zien.

Kinderen benoemen dingen die ze kennen uit het gebied, zoals een boom, bankje, schommel, groot hek, huis etc. , leerkracht tekent dit aan op de kaart.
Leerkracht vertelt dat ze gaan meten: kinderen mogen een paar afstanden schatten.
Leerkracht vertelt over de wandeling en geeft deze aan op de kaart.
Gesprek over dieren die ze daar kunnen gaan zien.

Fotografie les (zie downloads les fotografie voor groep 1 en 2)

De kinderen fotograferen een ander kind met knuffel en de knuffel zelf: ze kiezen zelf de plek.

Dieren nadoen:

Lopen als dieren (spin, hond, mus, worm, eend, poes, kever, vlieg etc..)
Dierengeluiden nadoen.

Les 3
Wandeling:
Kinderen laten hun knuffels kennis maken met de beestjes in de natuur. Ieder kind neemt een knuffel mee. Overal is natuur, niet alleen in een bos, maar ook in een parkje, een tuin, in een sloot of een groenstrook.  Zorg voor genoeg begeleiders. Iedere begeleider krijgt een fototoestel, een fotokopie van een kaart (google maps) van het gebied en een notitieblokje mee. De kinderen mogen onder begeleiding fotograferen, alle gegevens worden genoteerd. De wandeling is natuurlijk afhankelijk van de omgeving van de school, het weer en het jaargetijde. Met behulp van de volgende ideeën kun je je eigen wandeling samenstellen, waarbij je rekening moet houden met het verzamelen van voldoend interessant materiaal voor de website. Maak een draaiboek, ook voor de andere begeleiders.

Op stap met de knuffels

  • Grappige foto’s of filmpje  van wandelende kinderen met knuffels op de schouders, of hoofd, zingend, bewegend etc.
  • Knuffels in een kring, wandelend, spelend, picknick etc.

Meetspelletjes: fotograferen en noteren.

  • Hoeveel kinderen, hand in hand, is een grasveld?
  • Hoe groot is de omtrek van een boom in handen?
  • Hoe breed is een pad in voeten?
  • Hoe hoog is een plant in vingerdiktes?
  • Hoeveel knuffels passen er naast elkaar op een bankje?

Zintuigspelletjes

  • Geluiden: fotograferen en/of filmen
  • Op zoek naar geluiden door dieren veroorzaakt: Ritselende bladeren, brekende takjes, kiezelstenen,  klapbessen, water, fluitende vogels , miauwende poezen, rennende honden, schuifelende en springende knuffels.
  • Dieren geluiden leren aan de knuffels door dierengeluiden na te doen.
  • Orkest: ieder kind (knuffel) heeft een geluid: dirigent leidt het orkest.
  • Ruiken: fotograferen en/of filmen
  • Wat ruiken dieren? Geurend gras, aarde, bloemen, sloot, bladeren.
  • Voelen: fotograferen en/of filmen en verzamelen.
  • Ogen dicht en voel wat het is: blad, tak, steen.
  • Kijken: fotograferen en/of filmen
  • Standpunt: wat ziet een klein insect, koe, vogel etc. Wat ziet een knuffel?
  • Opvallende zaken opzoeken en aan de knuffels laten zien: molshoop, steen, bloem, boom, paddenstoel, plant, diertje, troep, mooi uitzicht, etc..
  • Kleuren zoeken: alles wat rood, groen, geel etc. is.

Op zoek naar beesten

  • Waar zijn de beesten? Onder stenen, in de lucht, in de bomen.

Wetenswaardigheden

  • Kinderen leggen de natuur uit voor de video camera aan hun knuffels.

Knuffels in de natuur:

  • Hutten bouwen
  • Schuilplekken zoeken.
  • Plekken met een verhaal: avontuur met knuffels en andere dieren.

Fysieke spelletjes

  • Op boomstam balanceren, over het pad  springen, boompje verwisselen.

Natuurmaterialen verzamelen.

  • Takken, bladeren, stenen, gevonden voorwerpen om later mee te knutselen.

Les 4
Voor de leerkracht:

Bepaal de aanklikpunten en de items.
Alle werkstukken en foto’s van de kinderen moeten verdeeld worden over een aantal items, maximaal 7. Elk van deze maximaal 7 items wordt ondergebracht in een aanklikpunt op de wandelkaart.
Maak een selectie van alle foto’s en filmpjes, maximaal aantal 70, gegroepeerd in maximaal 7 items (de 7 aanklikpunten van de kaart op de website).
Voor deze 7 items gaan de kinderen deze les de werkstukken maken. En ze gaan de wandelkaart maken.

Kaart maken:
Leerkracht tekent op een groot tekenpapier in overleg met de kinderen de gewandelde route in hoofdlijnen weer en geeft daarop in dunne potloodlijnen de belangrijkste vaste kenmerken (volgens de kinderen) weer: Waar bijvoorbeeld bomen, bankjes, vijver, paadje, bijzondere bloem etc zich ongeveer bevinden. Maar ook belangrijke ontmoetingen (bijvoorbeeld met een hond), afstanden gemeten in voetstappen, knuffelhut etc.
Daarna worden de aanklikpunten (maximaal 7) op de kaart aangegeven.

Daarna werken in groepjes.
Groep 1: Kinderen schilderen/tekenen deze kaart, de dunne potloodlijnen kunnen als referentiepunt dienen, maar een vrijere interpretatie is wenselijk: Alleen de aanklikpunten moeten duidelijk zichtbaar blijven.
Groep 2:  Deze kinderen maken een tekening over hun knuffel op de plekken die ze bezocht hebben; iets wat ze hebben meegemaakt tijdens de wandeling of een verhaal dat ze nu verzinnen. De foto’s kunnen als inspiratie dienen. De leerkracht kan het bijbehorende verhaal noteren.
Groep 3 Dit groepje maakt taferelen met de gevonden materialen en de knuffel. De leerkracht kan het bijbehorende verhaal noteren.
Afhankelijk van de items en de aanklikpunten op de kaart kunnen er natuurlijk ook andere werkstukken gemaakt worden.
Alle werkstukken worden gefotografeerd.

Les 5
De leerkracht controleert of er genoeg materiaal is voor op de website (aanleveren op Usb stick)
Alles afmaken
Leerkracht zet alles op usb stick

Werkbladen

Kerndoelen

Het project Atlas Hunsingo wordt mede mogelijk gemaakt door: