Het gebied Hunsingo

Hunsingo (Gronings: Hunzego of Hunzengo) is een streek in de provincie Groningen gelegen tussen het Reitdiep en het Maarvliet. Hunsingo was een van de drie Ommelanden. Het grenst in het noorden aan de Waddenzee, in het oosten aan Fivelingo, in het westen aan het Westerkwartier en Friesland en in het zuiden aan het Gorecht. De streek komt overeen met de huidige gemeenten De Marne, Eemsmond en de grootste gedeeltes van de gemeenten Bedum en Winsum.

Algemeen
De naam betekent streek (go of gouw) van de Hunze. De Hunze heet in Hunsingo geen Hunze meer, maar Reitdiep. Oorspronkelijk volgde de Hunze een andere loop, en verdeelde de rivier Hunsingo in twee delen om bij het huidige Pieterburen in de Waddenzee uit te monden.

Hunsingo was het eerste lid van de Ommelander Unie. De belangrijkste plaats was Winsum waar de Ommelanden een korte tijd hun eigen vergaderingen hielden. Het gebied komt grotendeels overeen met het Hoogeland, dat overigens meer een geografische aanduiding is, terwijl Hunsingo een bestuurlijke eenheid was.
De drie waddeneilandjes Rottumerplaat, Rottumeroog en Zuiderduintjes behoren tot dit gebied.

Geschiedenis

Net als Fivelingo was Hunsingo van oorsprong een Friese gouw. Liudger kreeg in 787 onder andere de gouwen Hugmerthi (Humsterland), Hunusga en Fivilga als missiegebied toegewezen. Het klooster van Fulda kreeg in de negende eeuw een schenking in Middelstum ‘in pago Hunergewe in regione fresonum’. In 1057 wordt de gouw Hunsingo genoemd als deel van een graafschap dat door de Duitse koning Hendrik IV onder regentschap van zijn moeder wordt geschonken aan de aartsbisschop van Hamburg, Adalbert van Bremen. Voor die tijd zouden de Brunonen het graafschap in leen gehad hebben. In de elfde eeuw zijn in Winsum munten geslagen, waaruit kan worden afgeleid dat Winsum de hoofdplaats van de gouw was. In latere tijd wordt Onderdendam de centrale plaats in de streek.

In de zeventiende en achttiende eeuw was Hunsingo het eerste lid van de Ommelander Unie. De belangrijkste plaats in Hunsingo, Winsum, was een korte periode ook de plaats waar de Ommelander jonkers hun vergaderingen hielden. Winsum was in oorsprong dan ook een nederzetting met een stedelijk karakter. Door de nabijheid van de stad Groningen kreeg het echter niet de kans uit te groeien tot een werkelijke stad.

Het gouw was oorspronkelijk onderverdeeld in twee of drie onderkwartieren, die samenvielen met de oudste seenddistricten of moederparochies. Daarvan waren de parochies van Usquert en Leens de oudste:

  • Marne (hoofdplaats Leens)
  • Westerambt (hoofdplaats Baflo, met de onderdelen Halfambt (ten noorden van het Winsumerdiep, hoofdplaats Baflo) en een zuidelijke helft, die uiteenviel in Upgo of Ubbega (tussen Winsumerdiep en Reitdiep, hoofdplaats Winsum) en Middag (ten zuiden van het Reitdiep, hoofdplaats Garnwerd)
  •  Oosterambt (hoofdplaats Usquert)

De Marne was oorspronkelijk een deel van het gouw Humsterland (Westerkwartier), dat zich echter door het ontstaan van het Reitdiep en het ontginnen van het achterliggende veengebied tot een afzonderlijk seenddistrict ontwikkelde. Het district Middag wordt sinds de zestiende eeuw eveneens bij het Westerkwartier gerekend. Van het Oosterambt scheidde zich omstreeks de veertiende eeuw het veengebied Innersdijk (rond Bedum) af, terwijl de Marne in de vijftiende eeuw tijdelijk uiteenviel in een Ooster- en een Westerdeel. De verschillende onderkwartieren kenmerkten zich door grote zelfstandigheid; de gezamenlijke vertegenwoordigers kamen bijeen in Onderdendam, dat precies op de grens van de belangrijkste onderkwartieren lag.

Bron: Wikipedia

Het project Atlas Hunsingo wordt mede mogelijk gemaakt door: